'Toen mijn postdoctoraat psychologie in Leuven afliep, solliciteerde ik op goed geluk in de Verenigde Staten. Ik ben verslaafd aan wetenschappelijk onderzoek en in Vlaanderen liggen die banen niet dik gezaaid. Nu werk ik als hoogleraar aan het Georgia Institute of Technology in Atlanta. Ik had wel wat aanpassingsproblemen. Je cultuur, vrienden en taal achterlaten, is zwaar. Ik zal nooit met dezelfde zwier door de Amerikaanse cultuur walsen als ik ooit door de Vlaamse danste. Maar het idee van 'de kleine Vlaming' is uitsluitend een Vlaams idee. Hier aan de universiteiten speelt afkomst
nagenoeg geen rol.'
'Ook als schrijver doet dat er weinig toe. De eerste stap - hier uitgegeven en verspreid worden - is de moeilijkste. Ik blijf verbaasd dat 'Omega Minor' zomaar in de rekken van de grote boekhandels staat. Want in de afgelopen tien jaar zijn er precies drie Vlaamse romans bij een Amerikaanse uitgever beland: 'De Kapellekensbaan' en 'Zomer te Termuren' van Louis Paul Boon en mijn
boek ...'
'Wat mij in Amerika het meeste ergert, is de blinde onderdanigheid
aan politiek, religieus of ander gezag. Het totale gebrek aan historisch bewustzijn. En dat er, waar je ook bent, altijd een Amerikaanse vlag in je blikveld is. Het stoort mij ook vreselijk dat dit het enige regime ter wereld is dat nog durft te argumenteren dat folteren een aanvaardbare vorm van menselijke communicatie is, en dat een onnodige oorlog een nobele zaak is die de vrijheid dient. Anderzijds waardeer ik de Amerikaanse openheid enorm: je hoort erbij. En het optimisme!'
'Ik mis het meeste de Belgische chocola en frieten. En het intellectuele klimaat van ons land. Maar ik voel mij geen Vlaming noch Amerikaan: ik ben tegenwoordig al blij dat ik mij gewoon mezelf voel.'
STELLING: Samenwerken met mensen van andere culturen levert mij steeds een meerwaarde op. Geef je eigen mening hieronder.


