Freiamt is een stadje in Duitsland dat sinds het einde van de jaren 90 een eigen strijd tegen de opwarming van het klimaat voert. Ongeveer 300 inwoners kochten samen een aantal windturbines. 270 gezinnen plaatsten een zonnepaneel op hun dak om water te verwarmen en om elektriciteit op te wekken. Drie horeacazaken in de buurt van een waterstroom hebben een ouderwets waterwiel geïnstalleerd. Willen ze het milieu helpen of geld besparen? Hoe dan ook is Freiamt een voorbeeld van een moderne trend: steeds meer bedrijven en gemeenschappen beginnen hun eigen energie te produceren.
Regering helpt
De energiemarkt wordt nog steeds gedomineerd door grote bedrijven die fossiele brandstoffen gebruiken. Optimisten geloven dat daar weldra verandering in zal komen. Er wordt veel geïnvesteerd in onderzoek naar energie en regeringen liberaliseren hun markten. Die combinatie zou de weg voor duurzame energie wel eens kunnen vrijmaken. Regeringen zorgen met subsidies voor een extra duwtje in de rug. Ook de Europese Commissie plaatste de mogelijkheid van lokale energieproductie hoog op de agenda. In landen als Duitsland, Spanje en Brazilië bestaat al een systeem waarbij openbare zaken hun energie moeten kopen van burgers die de energie via duurzame bronnen produceren.
Grote centrales
Het idee is niet nieuw. Ook de uitvinder van de gloeilap, Thomas Edison, dacht al aan een huis dat zijn energie volledig haalt uit een soort windgenerator. Maar dat bleek één uitvinding waarmee Edison geen succes oogstte. In de plaats daarvan ontstonden grote elektriciteitscentrales en een netwerk van leidingen die een grote omgeving van energie moesten voorzien. Dat een deel van die energie door elektrische weerstand in de kabels verloren gaat, was niet zo belangrijk in een tijd waarin fossiele brandstoffen goedkoop waren en het milieu nog geen discussiepunt was.
Elektriciteitscentrales kunnen amper dertig procent van de fossiele brandstoffen omzetten in energie. De rest gaat verloren in de vorm van warmte in de lucht of in koelwater. De nieuwste centrales kunnen het energieverlies beperken tot ongeveer 45 procent.
Duurzaam
Lokale energiewinning komt in een aantal landen al opzetten. Denemarken mag zich het meest efficiënte land noemen. Tegen 2030 hoopt het land ongeveer 35 procent van de energie op te wekken uit duurzame bronnen. Duitsland is wereldleider op het vlak van zonne-energie. Ook Spanje en Japan willen het Duitse voorbeeld volgen. Voorlopig zijn er wel nog een hoop technologische problemen. Het is niet mogelijk om de productie op de vraag af te stellen, terwijl grote centrales dat wel kunnen. (gb)


