De kust voor Sao Pedro op het eiland São Vicente.
Kaapverdië is een steeds populairder alternatief voor Egypte aan het worden. De tropische archipel voor de kust van West-Afrika biedt immers zon, zee en strand in de winter, zonder dat je naar het andere eind van de wereld hoeft te vliegen.
De kleurrijk beschilderde gevels in Santa Maria, op het eiland Sal, bezorgen je een instant vrolijk gevoel.
Kaapverdië ademt muziek: elk jaar in augustus vindt het festival Baia das Gattas plaats in het gelijknamige stadje op São Vicente.
Overweldigende natuurpracht op Santo Antão, hét eiland voor wandelaars.
Hotel Morabeza
'Saudade, saudade'... De wereldhit van de Kaapverdische en inmiddels overleden Cesária Évora zit na onze terugkeer uit Kaapverdië nog dagen in ons hoofd. Cabo Verde ádemt muziek. En feest. En plezier. En dat blijft een eind in je kleren zitten. Een paradijselijke wereld vol contrasten waar je moederziel alleen kan zijn in een prachtige, ongerepte vallei, maar evenzeer te midden van een onmetelijk grote, dorre vlakte plots een ijsjesverkoper kan tegenkomen. Waar gidsen je - bij gebrek aan gorilla's - meenemen naar ezels in de mist. Waar er ooit een geschilderd cowboypaard rondliep. Waar vele mooie mensen vandaan komen, én terug naartoe trekken.
"Op Kaapverdië is het altijd feest. En zulke vriendelijke mensen! En al-tijd muziek en al-tijd lachen", lazen we vooraf op het internet. En het klopt. Iemand die zegt een dag op een van de eilandjes te zijn geweest zonder muziek te horen, op een feestje te stoten of te lachen, die is er niet geweest. "Party is our middle name", zegt onze gids Isaneth. Ooit was het anders. Toen de Portugezen halfweg de 15de eeuw neerstreken op de onbewoonde eilandjes, haalden ze slaven uit het Afrikaanse vasteland om er te werken. De Kaapverdiërs hebben hun part ellende gehad, maar dat is ook alweer erg lang geleden, en intussen is Cabo Verde uitgegroeid tot een prachtige archipel. "Tien eilandjes, veelal genoemd naar de heilige van de dag dat ze ontdekt werden", vervolgt Isaneth. "Ze zijn niet eens allemaal bewoond. Maar wel allemaal verschillend."
Net dat maakt deze bestemming zo mooi voor eilandhoppers, al moeten die écht wel een grote rugzak meepakken, met stevige bergschoenen en een dikke trui voor het heuvelachtige eiland São Vicente, het desolate Fogo-met-vulkaan of het mooie Santo Antão. In diezelfde rugzak moeten teenslippers en zwemgerief voor de hagelwitte zandstranden van Sal of Boa Vista.
Als je véél tijd of geld hebt - of beide - doe je de eilandjes in de Atlantische Oceaan allemaal aan. Anders moet je keuzes maken. Zonnekloppers kiezen het best voor Sal, het meest toeristische eiland van de archipel. Hier kom je om te luieren, surfen, duiken of vissen. De stranden zijn eindeloos lang en wit, maar je vindt er ook de meeste hotels. Wij verbleven in het Vlaamse hotel Morabeza, ooit het buitenverblijf van de Belg Gaspard Vyckier en zijn vrouw Marguerite Massart. Ze begonnen kamers te verhuren aan piloten die tussenstops maakten op het eiland, maar dat is een beetje uit de hand gelopen. Vandaag is Morabeza een van de mooiste hotels op het eiland.
Zoutmijnen
Het eiland Sal dankt zijn naam aan de prachtige zoutmijnen. Het zou ridicuul zijn om ze niet te bezoeken als je hier verblijft. Zwemmen in het zoute water aan de mijnen is toegelaten. Meer nog: het is zelfs gratis. Maar de Kaapverdische commercant die je met plezier de weg toont, vraagt nadien wel 1 euro voor de - nodige - douche.
In het vissersdorpje Santa Maria rukt het toerisme het felst op, met winkels, restaurants, bars en (opdringerige) straatventers. Als je kan, trek zo even voor het middaguur eens naar een pier waar de kleurrijke visserssloepjes aanmeren. Aan wal staan tientallen mensen klaar om te bieden op de verse tonijn en dorade. Met wat geluk volg je je eigen vis tot in het restaurantje waar je hem op je bord krijgt.
Gidsen nemen je op Sal ook graag mee naar Buracona, een natuurlijk zwembad dat zich vult met zeewater. Het is een lange rit door een extreem dor landschap, maar het is de tocht waard. De terugrit is gieren. Want dan roept een commercieel ingestelde gids nét op het juiste moment: "Kijk! Een fata morgana!" Waarna de chauffeur van het toeristenbusje stevig op de rem duwt en iedereen naar buiten loopt om hoegenaamd niets te fotograferen. Dat gebeurt toevallig op een paar meter van - geloof het of niet - een ijsjesverkoper. Gouden zaken doet die man! Isaneth lacht als we het een wat vreemd beeld vinden: "Ach, een Kaapverdiër heeft ooit kamelen ingevoerd nadat hij gezien had welk succes die beesten hadden in Egypte..."
Geschilderd paard
Nog zo'n grappig verhaal: in de jaren 40 was de gemiddelde Kaapverdiër helemaal weg van de cowboyfilms uit Amerika. De drang om zelf zo'n film te maken was erg groot. Aan cowboys en indianen geen gebrek, maar op heel São Vicente - het eiland waar de film gedraaid werd - was er maar één paard. "Dat werd dus aan één kant wit geschilderd om het beeld te wekken dat er vele paarden meededen in de film", zegt de gids. "Hoe gek ook, de film O Guarda Vingador heeft toch nog de bioscoop gehaald."
Het mooiste eiland van de archipel is het bergachtige Santo Antão. Het is alleen bereikbaar per boot - op een uurtje varen van Sal of São Vicente - en het gros van de bevolking heeft het eiland nog nooit verlaten. Kaapverdiërs zijn erg vriendelijk, maar op Santo Antão spannen ze de kroon. "Ze zouden het eten uit hun mond sparen om een hongerige voorbijganger te voeden", vertelt Isaneth. Technologie gaat grotendeels aan hen voorbij. Woon je hoog in de bergen en heb je een boodschap voor iemand beneden in het dorp, of zelfs op een ander eiland, dan wacht je tot er een taxi voorbijkomt. "De bewoners vertellen wat ze te vertellen hebben en de chauffeur gaat dan op zoek naar de ontvanger van de boodschap."
Als je de kans krijgt om het eilandje te bezoeken, reis dan tot boven in de bergen. De huisjes liggen verborgen in laaghangende wolken. Het zijn net beelden uit een sprookjesfilm als je mensen met hun zwaarbeladen ezeltjes doorheen zo'n neveldouche ziet stappen. Hoewel alles er basic is, zijn ze toeristen erg genegen. Foto's nemen is geen bezwaar. "Hun enige frustratie is dat ze nooit de beelden zien die de toeristen van hen maken", zegt de gids.
Dit is de énige plek waar we een souvenir kopen: een flesje grogue. In Paul Valley, in een rumstokerij op een binnenkoertje. Hóé de rumstoker het allemaal doet, weten we niet, maar wat hij brouwt is wel lekker. De man heeft geen twee dezelfde flesjes en biedt zijn rum in oude wijnflesjes en petflessen aan, mét huissticker erop. De stoker noemt zich daarop zonder verpinken "president-managing director". Als dat geen titel is... De oude rumstoker vinkt de dagen van het jaar af op de bijna-blootkalender van een mannenblad. Het leven kan mooi zijn op Kaapverdië.
Kaapverdië kleurt Belgisch
Kaapverdië is het thuisland van ex-miss België Tatiana Silva, maar op de voormalige Portugese kolonie vind je ook Belgische sporen.
De Vlaams-Nederlandse Vera Pinto stampte samen met haar man Eddy Buyl in ons land LA Gym uit de grond. Vandaag runt ze restaurant Pont d'Agua in de haven van Mindelo, op het eiland São Vicente. In een paar jaar is het uitgegroeid tot 'the place to be' voor jong en oud. De feestjes zijn er legendarisch en tot in de vroege ochtend weerklinkt muziek in hun danstempel.
Het Vlaamse architectenkoppel Frank Damman en Eline Mertens tekent het ontwerp voor 30 exclusieve villa's van 2 miljoen euro per stuk aan de noordkant van het eiland São Vicente. Vlaamse villa's dus. "Maar gebouwd met lokale materialen, technieken en arbeid", zegt Damman (website).
Praktisch
ERHEEN: met Jetairfly in 6.30 uur naar Boa Vista en in 7.30 uur naar Sal. Of met TAP via Lissabon. Lokale vluchten en bootverbindingen naar andere eilanden.
LOGEREN:
Hotel Morabeza (****): paradepaardje van de gelijknamige touroperator op Sal. 90 kamers en 30 suites aan het strand van Santa Maria. Prijs: 1.445 euro per persoon voor 7 nachten met ontbijt en vluchten.
Pension Louisete en Casa das Ilhas: twee Vlaamse B&B's op Santo Antão, voor wie wil rondtrekken en niet veel luxe nodig heeft. Prijzen op aanvraag: mailen naar Louisete en Casa das Ilhas.
MEER INFO: website


