Het Hof van Cassatie heeft het cassatieberoep van een jonge vrouw verworpen tegen een arrest van de Brusselse kamer van inbeschuldigingstelling (KI) die haar in september vorig jaar uit de rechtszaal had gezet omdat ze een hoofddoek droeg. De advocaat trekt nu naar het Europees Hof in Straatsburg.
De vrouw, Hagar L., was een van de burgerlijke partijen in een zaak rond de dood van haar broer. Die stierf in 2006 toen hij een kogel in het hoofd kreeg van Antonio D., het voormalige liefje van zijn vriendin. De kwalificatie van de feiten luidt slagen en verwondingen.
Hoofddoek
De advocaat van de familie, meester Réginald de Béco, ging in cassatie omdat hij de feiten wilde laten kwalificeren als doodslag en dus een proces voor het hof van assisen wilde. Hij wees ook op het recht voor Hagar L. om de debatten te kunnen bijwonen, met hoofddoek. Tijdens de procedure voor de KI besliste de advocaat immers de zaal te verlaten waardoor de pleidooien werden afgehandeld zonder aanwezigheid van de burgerlijke partijen.
Doet niet ter zake
Cassatie oordeelde vandaag dat het arrest van de KI niet wettelijk is omdat het beroep tegen de beslissing van de raadkamer enkel geformuleerd werd door de burgerlijke partijen, terwijl enkel de verdediging of het parket dat kunnen. Omdat het verzoek niet wettelijk is, is het cassatieberoep dan ook niet ontvankelijk. Omdat de KI bijgevolg ook niet had moeten plaatsvinden, doet het incident met de hoofddoek niet meer ter zake.
Straatsburg
Mr. de Béco zei vanavond dat hij, voor de zaak van de hoofddoek, nu naar het Europees Hof van de rechten van de mens in Straatsburg trekt, omdat al zijn beroepsmogelijkheden in ons land uitgeput zijn.
Zijn cliënte mocht bij het Hof van Cassatie overigens gewoon binnen met hoofddoek. Ze legde uit dat ze nooit de intentie had gehad om te magistratuur te krenken. Volgens de Béco heeft het Hof van Cassatie woensdag een "gigantische stap gezet" door het meisje tijdens de zitting met de hoofddoek toe te laten. (belga/sam)


