"Zaak L&H is een ramp"
"Voor iemand die gelooft in het gerecht, is deze zaak een ramp." Zo pikte advocaat Pascal Vanderveeren, verdediger van Dexia, in op het pleidooi van deze voormiddag waarin de bank enkele onbekende feiten uit het gerechtelijk onderzoek aan de kaak had gesteld. "Dit dossier kan de toets van het Europees Hof niet doorstaan", zo hekelde hij de volgens hem niet objectieve rol van onderzoekers en openbaar ministerie.
Dexia is ervan overtuigd dat Artesia en haar medewerkers indertijd niks verkeerd hebben gedaan. In de vorige dagen overliepen hun raadslui minutieus alle stukken om dat te bewijzen.
Vrijspraak
Op juridisch vlak is er evenmin grond om de bank te veroordelen, zo werd aangehaald. Vandaag werden ook op procedureel vlak de argumenten aangedragen om tot een vrijspraak van Dexia te besluiten.
Verwezen werd naar de bewijsvoering en de bewijsgaring. Nadat de drie hoofdbeklaagden Lernout, Hauspie en Willaert klaar waren met hun verdediging, volgde vanaf medio januari van de advocaten van de andere verdachten een vloedgolf van opmerkingen over de manier waarop de onderzoekers en het openbaar ministerie het dossier tegen hun cliënten hadden samengesteld. Rode draad doorheen de vele tientallen opmerkingen was de suggestieve bewijsvoering en de manier waarop verhoren en bewijsstukken werden gemanipuleerd.
Advocaat Vanderveeren kwam daar deze namiddag op terug en verwees naar arresten door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, waarin procespartijen in het gelijk werden gesteld die volgens de raadsman te kampen hadden met problemen die veel en veel beperkter waren dan degene die Dexia ondervindt op het proces L&H.
"Dit is de moeilijkste financiële strafzaak in ons land. De bewijsvoering moest perfect zijn", besloot hij. (belga/sps)