L&H-proces: "Barbertje moet hangen"
Slechts een kwart van de tijd was Vanderhoydonck bezig met L&H, beweert zijn advocaat. (Foto: Lucas)
De gewezen topbankier Francis Vanderhoydonck (49), die als voormalig bestuurder van L&H wordt vervolgd voor zijn vermoedelijk aandeel in de beursfraude, ontkent dat hij op de hoogte was van het gesjoemel in het bedrijf. "Barbertje moet hangen", zo verwoordde zijn advocaat Jos Mertens het vanmorgen. "Uit enkele tienduizenden mails worden hoogstens 6 à 7 mails geselecteerd waaruit dan erg selectief passages worden gebruikt in een poging Barbertje Vanderhoydonck te betrekken."
Extern bestuurderVanderhoydonck leidde tot 1998 de activiteiten van de afdeling zakenbank bij de Generale Bank. In oktober 1998 kwam hij aan het hoofd te staan van de Lernout & Hauspie Investment Company (LHIC), een investeringsvennootschap die participaties moest nemen in andere IT-bedrijven. Later werd hij bij L&H observator in de raad van bestuur en in mei 1999 uiteindelijk extern bestuurder.
Zijn advocaat benadrukte dat het werk in het Ieperse technologieconcern niet de enige activiteit was die Vanderhoydonck uitoefende na zijn periode bij de Generale Bank. Via zijn consultantsbedrijf werkte hij nog in een resem andere vennootschappen.
"Slechts sporadisch betrokken""Hoogstens een kwart van de tijd vulde hij in met LHIC en later met L&H. Het openbaar ministerie vernoemde hem als een van de vertrouwenspersonen van de stichters, maar eigenlijk kwam hij slechts sporadisch in Ieper. Hij werkte vanuit een kantoor in Brussel. De communicatie met Lernout en Hauspie gebeurde via e-mail", klonk het.
"Zeer selectief"Tegen Vanderhoydonck kan het openbaar ministerie slechts enkele e-mails gebruiken als bewijs, aldus meester Mertens. "Men vergeet te zeggen dat mijn cliënt zijn mails, die via een intranet werden verstuurd, enkel kon lezen tijdens zijn sporadische bezoeken aan Ieper. Hij kreeg op die momenten een ellenlange lijst van mails te verwerken die hij diagonaal doornam en selecteerde op het belang voor zijn werk bij LHIC. Net als bij het auditcomité gebeurd is, zijn die enkele e-mails die als bewijs gebruikt worden bijzonder selectief gehanteerd in de bewijsvoering. Elementen à decharge werden door het OM weggelaten."
Overnamegesprekken
Toen de activiteiten bij LHIC in het najaar van 1999 werden bevroren, omdat ze in concurrentie kwamen met de activiteiten bij FLV Fund, werd Vanderhoydonck bij L&H ingeschakeld voor de overnamegesprekken van Dictaphone en Dragon. Hij onderhandelde met de banken ook de schuldherschikking van die bedrijven.
VoorkennisAls beloning kon hij warrants kopen die hij enkele maanden voor de beurscrash uitoefende en waardoor hij ruim 3 miljoen dollar incasseerde. Het openbaar ministerie vervolgt hem daarom voor handel met voorkennis en stelt dat hij kennis had van de problemen met de omzeterkenning en het informele SEC-onderzoek. Vanderhoydonck ontkent en wil morgen de elementen aandragen om dat te bewijzen. (belga/svm)