© belga.
Vlaams Onderwijsminister Pascal Smet kant zich tegen het voorstel om de voorrangsregeling voor Nederlandstalige leerlingen in Brussel uit te breiden naar de Vlaamse randgemeenten rond Brussel. Dat blijkt uit zijn antwoord op een schriftelijke vraag van Irina De Knop (Open Vld).
Het Vlaams Verbond Katholiek Basisonderwijs pleitte daar recent voor omwille van het toenemend aantal niet-Nederlandstalige leerlingen in de rand.
"Het kopiƫren van de regeling in Brussel naar de rand omwille van de geografische nabijheid, en dus voorrang verlenen aan Nederlandstalige leerlingen, betekent een directe discriminatie op grond van taal die in verschillende nationale en internationale normen onaanvaardbaar geacht wordt. Een groot aandeel niet-Nederlandstalige leerlingen is er bovendien ook elders in Vlaanderen zodat er geen grond is om dit alleen in de rand te doen", aldus Smet.
Gelijke kansen
De specifieke voorrangsregeling voor Nederlandstalige leerlingen in Brussel die indertijd werd ingevoerd is volgens Smet deels verantwoord door de aanwezigheid in de hoofdstad van een ander vrij toegankelijk onderwijsaanbod dan dat van de Vlaamse Gemeenschap. Het voordeel dat aan GOK-leerlingen wordt gegeven is aanvaardbaar omdat dit bijdraagt tot gelijke onderwijskansen.
Afstand school
De minister wijst tot slot op het feit dat het nieuwe decreet over het inschrijvingsrecht het voor schooldirecties in het basisonderwijs mogelijk maakt een aanmeldingsprocedure in te stellen waarbij de afstand tussen de school en de woonplaats van de leerling gehanteerd wordt als ordeningscriterium. "Dit garandeert dat leerlingen in de brede rand rond Brussel zo dicht mogelijk bij hun woonplaats school kunnen lopen", aldus Smet. (belga/ep)


